Kinderliedjes die bij sommige werken een rol speelden
twee emmertjes pompen.
De meisjes op de klompen.
De meisjes op hun houten been
Rij maar door mijn poortje heen.
Van je ras ras ras
rijdt de koning door de plas
Van je voort voort voort
rijdt de koning door de poort
Van je erk erk erk,
Rijdt de koning naar de kerk
Van je één... twee... drie!.
ieder zingt zijn eigen lied
Drie maal drie is negen,
Josje zingt z'n lied
Drie maal drie is negen,
ieder zingt zijn eigen lied
Drie maal drie is negen,
en Josje zingt z'n lied
Boer wat zeg je van mijn kippen,
boer wat zeg je vanmijn haan?
Heeft mijn haan geen mooie veren,
of staat jou de kleur niet aan?
Boer wat zeg je vanmijn kippen,
boer wat zeg je vanmijn haan?
Groen is't gras, groen is't gras, onder mijne voeten.
'k Heb verloren m'n beste vriend, 'k zal hem zoeken moeten.
Hé daar plaatsgemaakt voor de jongedame.
En de koekoek op het dak, zingt z'n lied op zijn gemak.
O mijn lieve Augustijn, deze dame zal het zijn
Groen is't gras, groen is't gras, onder mijne voeten.
'k Heb verloren m'n beste vriend, 'k zal hem zoeken moeten.
Hé daar plaatsgemaakt voor de jongedame.
En de koekoek op het dak, zingt z'n lied op zijn gemak.
O mijn lieve Augustijn, deze dame zal het zijn.
In Holland staat een huis,
in Holland staat een huis
In Holland staat een huis ja ja,
van je tjingela tjingela hop sa sa
In Holland staat een huis,
in Holland staat een huis
In dat huis daar woont een man,
in dat huis daar woond een man
In dat huis daar woont een man ja ja,
van je tjingela tjingela hop sa sa
In dat huis daar woont een man,
in dat huis daar woond een man.
En die man die kiest een vrouw,
en die man die kiest een vrouw
En die man die kiest een vrouw ja ja,
van je tjingela tjingela hop sa sa
En die man die kiest een vrouw,
en die man die kiest een vrouw.
En die vrouw die kiest een kind,
en die vrouw die kiest een kind
En die vrouw die kiest een kind ja ja,
van je tjingela tjingela hop sa sa
En die vrouw die kiest een kind,
en die vrouw die kiest een kind.
Altijd is Kortjakje ziek, midden in de week maar 'szondags niet
's Zondags gaat ze naar de kerkmet een hoed vol zilverwerk
Altijd is Kortjakje ziek, midden in de week maar 'szondags niet
Altijd is Kortjakje ziek, midden in de week maar 'szondags niet
'sZondags gaat ze naar de kerkmet een hoed vol zilverwerk
Altijd is Kortjakje ziek, midden in de week maar 'szondags niet.
Moriaantje zo zwart als roet
Ging eens wandelen zonder hoed
Maar de zon scheen op zijn bolletje
Daarom droeg hij een parasolletje
Moriaantje zo zwart als roet
Ging eens wandelen zonder hoed
Maar de zon scheen op zijn bolletje
Daarom droeg hij een parasolletje.